Woningbouw mag geen speelbal worden van gemeentelijke verkiezingsstrijd

Het woord woningnood valt vaak. Ook in Gelderland neemt de druk toe om meer en sneller te gaan bouwen. Voor Gelderland gaat het om zo’n 100.000 woningen in de periode tot 2030. Ik roep gemeenten en ontwikkelaars op daarbij kritisch te kijken naar wat werkelijk nodig én mogelijk is. Gemakkelijke of financieel aantrekkelijke plannen bieden vaak niet de beste oplossingen. En ongecontroleerd bouwen leidt tot mismatch en kapitaalvernietiging. Dat wil niemand. 

Het gaat weer beter met de economie. Dat is duidelijk te zien aan de hoeveelheid huizen die momenteel verkocht worden en de belangstelling van projectontwikkelaars om nieuwe te bouwen. Dat is goed voor de economie en de werkgelegenheid.

Welke woning

De focus van veel projectontwikkelaars en een aantal gemeenten ligt daarbij op bouwen, bouwen en nog eens bouwen van (dure) eengezinswoningen. Deze aandacht voor eengezinswoningen is niet zo vanzelfsprekend. Juist door een groeiend aantal eenpersoonshuishoudens is er meer behoefte aan appartementen en in studentensteden meer vraag naar studentenhuisvesting. En door de toenemende vergrijzing neemt de vraag naar wonen in combinatie met zorg toe. Als veel projectontwikkelaars en gemeenten maar voor één type woningen gaan, wordt onvoldoende ingespeeld op de huidige én toekomstige vraag. Een kritische gemeente heeft daar aandacht voor.

Duurzaam

Natuurlijk moet nieuwbouw duurzaam zijn; gasloos, flexibel en circulair. Maar laten we ook nog even verder kijken. Het hoeft niet persé altijd nieuwe bouw te zijn. Ook huidige woningen kunnen aangepast worden aan de toekomstige vraag. En denk aan overtollige kantoren of verzorgingshuizen, die omgebouwd kunnen worden tot woningen. In Presikhaaf, Arnhem, staat daar een mooi voorbeeld van. Het oude Rijkswaterstaatsgebouw is met geld van de provincie verbouwd en biedt nu woonruimte aan bijna 300 studenten.  Ook dát is duurzaam omgaan met bestaande bouw. 

De rol van de gemeente 

Daarmee komen we op een ander aspect van woningbouw dat we niet uit het oog moeten verliezen. Woningbouw en stedenbouw hebben veel met elkaar te maken. Te veel woningen op een kluitje is niet bevorderlijk voor een prettig leefklimaat. Aan de andere kant gaan de steeds verder uitdijende woonwijken ten koste van natuur en landbouw. Op beiden zit niemand te wachten. Dat vraagt om een alerte gemeente.

Ik verwacht van gemeenten, zowel wethouders als raad, dat zij kritisch zijn en hun verantwoordelijkheid nemen. Door te kijken wat de werkelijke behoefte in het woningbouwaanbod is, nu én op termijn. En verder durven te kijken dan één bestuursperiode. Zeker in deze tijden waarin het aanbod en woningwensen uiteenlopen en verschillen. Niet alleen tussen regio’s maar zelfs ook binnen gemeenten en tussen dorpen. Makkelijke oplossingen, die in het kader van verkiezingen goed scoren, horen daar niet bij. Onze inwoners verwachten de juiste keuzes, en terecht. De gemeente die daarvoor gaat, vindt de provincie aan zijn zijde. Laten we samen koersen naar een toekomstbestendige woonomgeving.

Foto: feestelijke opening van Helix, het oude Rijkswaterstaatgebouw

Dit artikel stond in De Gelderlander van 17 februari 2018.

0  reacties

Velden met een * zijn verplicht.